Twee van mijn favoriete plekken om tot stilte te komen zijn het kerkhof aan het einde van mijn straat en de Onze Lieve Vrouwe Kapel in Heiloo. Het voordeel van de kapel is dat je er bij slecht weer altijd droog zit. Hoewel ik allang niet meer praktiserend ben, voel ik nog altijd een aantrekking tot de rituelen, de mystiek en de gregoriaanse muziek die zo kenmerkend zijn voor het katholicisme.
Afgelopen maandagochtend ging ik naar de kapel. Zoals ik hoopte, was het er leeg. Ik stak een kaarsje op voor mijn moeder en ging halverwege zitten.
De vrouw die niet voor niets naast me ging zitten
Ik zat er nog geen vijf minuten toen er een hoogbejaarde vrouw binnenkwam. Ze was slecht ter been en liep moeizaam naar binnen. Ze stond even stil en keek om zich heen. Er was een overschot aan lege zitplaatsen, maar raad eens waar ze ging zitten? Ze schuifelde recht op me af en nam plaats naast mij.
Automatisch groette ik, en we raakten in gesprek. Ze bleek oorspronkelijk Canadees te zijn.
Toen ik afscheid wilde nemen, vroeg ze naar mijn beroep. Ik keek haar recht in de ogen.
I am a Confidante.
A Confidante? That’s a very important job!
Ze wilde weten hoe dat werkt als beroep. Heel even aarzelde ik. Onbewust liet ik me afremmen door mijn eigen vooroordelen. Een vrouw van rond de tachtig, zichtbaar religieus, misschien wel een van de nonnen van het nabijgelegen klooster, ze zal me ongetwijfeld raar vinden.
Ik zocht in haar ogen naar sporen van afkeur. Ik zag alleen vriendelijkheid.
Wat ik haar vertelde over mijn werk
Ik luister diep naar de problemen en verborgen gedachten van mensen die iemand nodig hebben. Ik maak een oprechte, duurzame verbinding op basis van integriteit en vertrouwen. Ik zorg ervoor dat mensen zich gezien, geliefd en minder alleen voelen. Ik breng quality time door met mensen die buiten hun eigen sociale kring behoefte hebben aan echte menselijke aandacht en aanwezigheid. En als iemand het genot en de troost van werkelijk menselijk contact op een dieper en fysiek niveau wil ervaren, dan knuffel ik met ze.
Ze keek me aan. In haar ogen zag ik tranen en een glimlach.
My goodness. You are a modern Samaritan!
Nee, zei ik. Ik word er voor betaald. Ik ben geen samaritaan.
Ze zweeg even en keek om zich heen.
Then you are like this place. You are a chapel. A safe place where people can go to. You are a Human Sanctuary.
Een menselijk toevluchtsoord
Haar woorden kwamen keihard binnen. Ik werd stil van de herkenning. Een menselijk toevluchtsoord. Wat een ontdekking. Kom, zei ze. Help me eens even omhoog. Geef me jouw arm. Ik wil een kaarsje aansteken. We stonden op en liepen samen naar de kaarsen. Ze stak er een op.
This one’s for you, my dear. The Human Sanctuary.

